Kennisbank Familierecht Algemeen De verschillen tussen huwelijk en…

De verschillen tussen huwelijk en wettelijke samenwoning

huwelijk en wettelijke samenwoning

Het huwelijk en de wettelijke samenwoning zijn twee juridische vormen van partnerschap die in België beschikbaar zijn voor koppels die hun relatie officieel willen vastleggen. Hoewel beide opties bepaalde juridische rechten en plichten met zich meebrengen, zijn er aanzienlijke verschillen tussen het huwelijk en de wettelijke samenwoning. In dit artikel zullen we de belangrijkste verschillen tussen deze twee juridische statussen bespreken.

 

Het huwelijk

Het huwelijk is een traditionele en formele vorm van partnerschap waarbij twee personen hun relatie officieel erkennen.

De voorwaarden om te kunnen trouwen, worden bepaald door de wet van het land waarvan men de nationaliteit heeft. De belangrijkste huwelijksvoorwaarden voor Belgen zijn:

  • minimumleeftijd: de minimumleeftijd om te trouwen, is 18 jaar. De jeugdrechtbank kan die leeftijdsbeperking opheffen als daar goede redenen voor zijn.
  • toestemming van de echtgenoten: beide partners moeten vrijwillig toestemmen in het huwelijk. Een gedwongen huwelijk is dus verboden.
  • afwezigheid van een huwelijksbeletsel: huwelijken tussen personen die onderling een te nauwe bloed- of aanverwantschap hebben, zijn verboden. De Koning kan, om gewichtige redenen, dat verbod opheffen. Zo’n verzoek moet gericht worden aan de minister van Justitie.
  • verbod op bigamie: iemand die al getrouwd is, mag geen ander huwelijk aangaan. Dat verbod geldt ook voor vreemdelingen die in België trouwen, zelfs als hun eigen nationale wet polygamie toestaat. Bigamie is een strafbaar feit.
  • verbod op schijnhuwelijk: een huwelijk waarbij de intentie van minstens één van de echtgenoten niet gericht is op het tot stand brengen van een duurzame levensgemeenschap, maar alleen op het verkrijgen van een verblijfsrechtelijk voordeel, is verboden.

 

Enkele belangrijke kenmerken van het huwelijk zijn:

  • huwelijksceremonie: Het huwelijk vereist een formele ceremonie die wordt voltrokken door een ambtenaar van de burgerlijke stand. Er zijn specifieke wettelijke vereisten voor het sluiten van een huwelijk. Minstens 14 dagen voor het huwelijk dient er een aangifte van huwelijk te worden gedaan.
  • huwelijksakte: Na de huwelijksceremonie wordt een huwelijksakte opgesteld en geregistreerd bij de burgerlijke stand. Deze akte is het officiële bewijs van het huwelijk.
  • huwelijksstelsel: Het huwelijk heeft gevolgen voor het vermogen van de gehuwden. Over alle inkomsten en eigendommen kunnen echtgenoten verschillende afspraken maken. De echtgenoten hebben de keuze of ze zelf een stelsel voor hun vermogen uitwerken of niet.

De drie meest voorkomende stelsels zijn:

  • het wettelijk stelsel
  • het stelsel van scheiding van goederen
  • het stelsel van de algehele gemeenschap

    Dit zijn de basismogelijkheden om het vermogen binnen het huwelijk te regelen. Er zijn nog andere stelsels dan deze, en het is ook mogelijk om een huwelijkscontract te sluiten. Om een vermogensstelsel vast te leggen, of om een huwelijkscontract op te maken moet u langsgaan bij een notaris.

    Als de echtgenoten zelf geen vermogensstelsel kiezen of geen huwelijkscontract laten opmaken, dan is automatisch het wettelijk stelsel van toepassing. Tijdens het huwelijk kunnen echtgenoten via een notaris hun huwelijksvermogensstelsel wijzigen.

  • erfrecht: Echtgenoten hebben wettelijke rechten op elkaars erfenis, tenzij ze hier via een testament van afwijken. Bij het huwelijk zal er steeds een beschermd erfdeel zijn, waarvan niet kan worden afgeweken bij testament. Dit is niet zo bij wettelijke samenwoning (zie onder).
  • onderhoudsplicht: Echtgenoten hebben een wettelijke onderhoudsplicht jegens elkaar, wat betekent dat ze verplicht zijn elkaar financieel te ondersteunen. Na beëindiging van het huwelijk, is het dan ook mogelijk dat één van de echtgenoten een vordering tot persoonlijk onderhoudsgeld stelt ten aanzien van de andere echtgenoot. Dit is niet zo bij wettelijke samenwoning (zie onder).

Wettelijke samenwoning

Wettelijke samenwoning is een meer informele vorm van partnerschap die minder formele verplichtingen met zich meebrengt dan het huwelijk.

Twee personen die samenwonen en bij hun gemeente een verklaring van wettelijk samenwonen afleggen, zijn wettelijk samenwonend. Deze aangifte geeft een zekere juridische bescherming.

Twee personen die in België een woning delen kunnen wettelijk samenwonen. Dat geldt niet alleen voor heteroseksuele of homoseksuele partners. U kunt ook wettelijk gaan samenwonen met een familielid of met iemand anders waarmee u geen seksuele relatie heeft.

De enige voorwaarden zijn:

  • u bent juridisch bekwaam om een contract te sluiten;
  • u bent niet getrouwd;
  • u woont niet wettelijk samen met een andere persoon.

Enkele belangrijke kenmerken van wettelijke samenwoning zijn:

  • Geen ceremonie: Wettelijke samenwoning vereist geen formele ceremonie. Koppels kunnen een verklaring van wettelijke samenwoning indienen bij de burgerlijke stand om hun partnerschap te registreren.
  • Samenlevingsovereenkomst: Hoewel er geen huwelijksakte is, kunnen stellen een samenlevingsovereenkomst opstellen om hun rechten en plichten vast te leggen. Deze overeenkomst kan de financiële regelingen en de verdeling van eigendommen regelen.
  • Geen gemeenschap van goederen: Er is geen automatisch stelsel van de gemeenschap van goederen bij wettelijke samenwoning. De eigendommen en financiën van beide partners blijven gescheiden, tenzij anders overeengekomen in de samenlevingsovereenkomst.
  • Geen automatische erfopvolging: Bij wettelijke samenwoning erven partners niet automatisch van elkaar. Erfrechtelijke aanspraken moeten worden vastgelegd in een testament. Er is een uitzondering voorzien omtrent de gezinswoning.

Een langstlevende en wettelijk samenwonende partner erft wettelijk gezien het vruchtgebruik van de gezinswoning en de aanwezige huisraad. De gezinswoning is de woning waar het koppel gewoonlijk verblijft. Een wettelijk samenwonende partner kan dat erfrecht beperken via een testament, zelfs zonder medeweten van de andere partner. Dat is niet het geval bij echtgenoten, waarbij de langstlevende altijd zeker is dat hij of zij het vruchtgebruik van de gezinswoning zal erven.

Het “vruchtgebruik” erven betekent dat de langstlevende partner in de gezinswoning mag blijven wonen na het overlijden van de eerste partner, zelfs als de woning niet van hem of haar is. Hij of zij mag bovendien ook kiezen om de woning te verhuren en van de huuropbrengsten te genieten. De kinderen (blote eigenaars) die slechts de blote eigendom erven, het kapitaal die de woning voorstelt, moeten dat vruchtgebruik eerbiedigen.

  • Geen wettelijke onderhoudsplicht: In tegenstelling tot het huwelijk hebben wettelijke samenwoners geen wettelijke verplichting om elkaar financieel te ondersteunen.

    Zij moeten wel samen bijdragen in de lasten van het samenleven naar evenredigheid van hun mogelijkheden. Dat betekent dat beide samenwonenden net als echtgenoten verplicht zijn om in de lasten van het huishouden te voorzien. Ook de kosten van onderhoud, opvoeding en opleiding van de kinderen die in het gezin worden opgenomen, vallen hieronder, ongeacht of het om gemeenschappelijke kinderen gaat. Samenwonenden delen eveneens de onroerende voorheffing voor de woning waarvan een van beide eigenaar is, en de verkeersbelasting van het gemeenschappelijk voertuig.

    Na beëindiging van de wettelijke samenwoning is er geen mogelijkheid tot toekenning van een persoonlijk onderhoudsgeld.

 

Conclusie

Het huwelijk en de wettelijke samenwoning zijn twee verschillende juridische statussen voor partnerschappen in België. De keuze tussen beide opties hangt af van de wensen en behoeften van de betrokken partijen. Het huwelijk biedt meer formele erkenning en juridische verplichtingen, terwijl wettelijke samenwoning een flexibelere en minder formele optie is. Het is van cruciaal belang dat koppels de implicaties van beide opties begrijpen en, indien nodig, juridisch advies inwinnen voordat ze een beslissing nemen over hun partnerschapsstatus.

Men kan hiervoor steeds terecht bij één van onze specialisten familierecht.

Op zoek naar een advocaat familierecht?

Tijdens een eerste consultatie wordt uw probleem besproken, waarbij onze advocaten het juridische kader schetsen en de mogelijke oplossingen overlopen.

MAAK EEN AFSPRAAK