Kennisbank Familierecht Algemeen Onderhoudsgeld na meerderjarigheid kind

Onderhoudsgeld na meerderjarigheid kind

onderhoudsgeld meerderjarig kind

Vele ouders denken dat de alimentatie- of onderhoudsplicht voor de kinderen eindigt bij de meerderjarigheid. Dit is niet altijd het geval. Zo loopt de verplichting in de eerste plaats verder tot de passende opleiding van het kind voltooid is. Ook indien de opleiding voltooid is kan er nog steeds onderhoud verschuldigd zijn.

 

Algemeen

De onderhoudsverplichting van de ouders wordt volgens de wet voortgezet tot de passende opleiding van het kind is voltooid, ook na de meerderjarigheid van het kind. (Art. 203 § 1 BW)

De verplichting geldt eveneens wanneer het meerderjarige kind bij een derde inwoont, oordeelde het Vredegerecht te Waver in 2011.

De alimentatie dient te worden begroot naar evenredigheid van de middelen van de ouders, zoals alle beroepsinkomsten, roerende en onroerende inkomsten, alsook alle voordelen en andere middelen die hun levensstandaard en deze van de kinderen waarborgen. De Rechter heeft hier steeds het laatste oordeel over.

 

Drie mogelijke alimentatie scenario’s

Voor de duur van de onderhoudsverplichting zin zijn er 3 mogelijke scenario’s:

  1. De opleiding van het kind is voltooid voor de meerderjarigheid van het kind en het kind kan zelf in zijn onderhoud voorzien. In dat geval is er geen onderhoudsverplichting meer, tenzij de inkomstenbron voor het kind wegvallen.
  2. De opleiding van het kind is voltooid voor de meerderjarigheid van het kind, maar het kind kan zelf niet in zijn onderhoud voorzien (werkloosheid, fysieke of mentale handicap…) De onderhoudsplicht loopt dan af bij de meerderjarigheid van het kind, maar op dat moment start wel de gemeenrechtelijke onderhoudsverplichting op basis van de artikelen 207 BW en 205 BW.
  3. Het kind is meerderjarig en de opleiding is nog niet voltooid. De onderhoudsverplichting loopt dan door tot de opleiding voltooid is.

 

Passende opleiding voltooid?

Algemeen beschouwd de Belgische rechtspraak een passende opleiding het verwerven van een einddiploma hoger onderwijs, dat toegang geeft tot de arbeidsmarkt. Hiermee bedoelt men één opleidingsrichting, waarbij verdere specialisaties in het verlengde van de vorige studies inbegrepen zijn.

Zodra de opleiding voltooid is, moeten de ouders niet verder bijdragen voor totaal andere studies. De eeuwige student zal dus niet eeuwig gesponsord moeten worden. Evenwel is het de rechter die steeds het laatste oordeel heeft en elke situatie in concreet zal beoordelen. Zo werd in 2006 geoordeeld door de rechtbank te Eupen in dat de ouders verder dienden bij te dragen in de opleiding tot muziekleraar van hun zoon, ook al volgde die voordien een opleiding tot installateur centrale verwarming. De muzikale gaven van de zoon en de polyvalente professionele opleiding maakten dat de rechtbank toch positief oordeelde.

Wanneer een meerderjarig kind na het stopzetten van zijn studies en intussen te hebben gewerkt zich opnieuw inschrijft voor een opleiding, moeten de ouders niet meer bijdragen.

 

Diploma secundair onderwijs

Een diploma secundair onderwijs is niet het voltooien van een passende opleiding. De rechtspraak meent dat dit diploma nog niet voldoende toekomstkansen biedt op de arbeidsmarkt, alsook dat het volgen van hoger onderwijs als een recht voor elke jongere moet worden aanzien. De vraag stelt of in de toekomst het volgen van tal van verschillende opleidingen ook niet zal worden beschouwd als het verder voltooien van de opleiding, gelet bijkomende opleidingen steeds belangrijker worden.

Het kind zal wel steeds voldoende motivatie moeten tonen om de opleiding ook binnen een redelijke termijn af te ronden. (Vredegerecht Zomergem 21 december 2007).

 

Een kot betalen, wanneer het kind dicht bij huis kan studeren?

Het Vredegerecht te Etterbeek oordeelde 18 december 2008 dat een moeder haar kind niet kon verwijten hogere studies verder van huis te volgen, zodat geen kot diende te worden gehuurd. Volgens het Vredegerecht is de vrije keuze van onderwijs een grondwettelijk recht, zodat een opleiding verder van huis de onderhoudsverplichting niet ongedaan maakt.

 

Na het voltooien van de opleiding, maar nog geen werk

De onderhoudsverplichting loopt na het voltooien van de opleiding nog door zolang het kind tijd nodig heeft om voor zichzelf te zorgen. Denk bijvoorbeeld aan de wachttijd voor onderhoudsuitkeringen. (Rb. Luik 23 december 2010).

Het kind moet wel aantonen dat hij de nodige stappen zette om in zijn onderhoud te voorzien en het diploma te valoriseren. (Rb. Brussel 23 december 2008)

Het volgen van een niet-of beperkt betaalde stageperiode werd door de rechtbank aanzien als een deel van de opleiding, zodat de onderhoudsverplichting ook tijdens die periode verder loopt. (Rb. Luik 3 oktober 2012)

 

Gemeenrechtelijke onderhoudsverplichting

Na de meerderjarigheid en het voltooien van de opleiding neemt de onderhoudsverplichting overeenkomstig art. 203 BW een einde. Dat neemt niet weg dat er nog steeds een algemene of gemeenrechtelijke onderhoudsverplichting blijft bestaan tussen ouders en hun kinderen, die bovendien wederzijds is. (Art. 205 – 207 BW)

Die onderhoudsverplichting is evenwel strenger. Zo wordt ze slechts toegestaan naar verhouding van de behoeften van hem die het vordert en van het vermogen of de middelen van hem die het verschuldigd is. (Art. 208 BW)

Op zoek naar een advocaat familierecht?

Tijdens een eerste consultatie wordt uw probleem besproken, waarbij onze advocaten het juridische kader schetsen en de mogelijke oplossingen overlopen.

MAAK EEN AFSPRAAK