Kennisbank Strafrecht Misdrijven Diefstal (Art. 463 e.v. Sw.)

Diefstal (Art. 463 e.v. Sw.)

slagen en verwondingen

Definitie

Sinds 01.09.2026 is volgens art. 463 en volgende van het Belgische Strafwetboek is iemand schuldig aan diefstal wanneer hij een zaak die hem niet toebehoort, zelfs kortstondig, bedrieglijk wegneemt. Hieraan wordt gelijkgesteld het bedrieglijk wegnemen van andermans goed voor kortstondig gebruik (gebruiksdiefstal).

 

Essentiële elementen

De essentiële elementen van diefstal zijn de volgende:

  • Het wegnemen van andermans goed

Vroeger bestond er rechtspraak waarbij gesteld werd dat men de kassa gepasseerd moest zijn vooraleer een goed weggenomen was. Hierop werd door de rechters echter teruggekomen, waardoor men ook reeds een diefstal gepleegd kan hebben op het ogenblik dat men iets uit de rekken neemt.

  • Het bedrieglijk opzet of intentioneel element

Men moet uiteraard wel weten dat het om andermans goed gaat, en zich niet vergissen door bijvoorbeeld iemand anders zijn tas te verwarren met de zijne. Men moet de bedoeling te hebben het goed van iemand weg te nemen.

 

Poging tot diefstal?

De poging tot het plegen van een diefstal, is op zich ook strafbaar. De rechtbank zal de intentie tot stelen moeten afleiden uit voorbereidende handelingen, die zich veruitwendigd hebben en waaruit men kan afleiden dat men de bedoeling had een diefstal te plegen.

De poging tot diefstal wordt gestraft met een straf die een categorie lager ligt dan de effectief voltrokken diefstal.

 

Straf?

Diefstal zonder geweld of bedreiging wordt bestraft met een straf van niveau 2. Dit niveau voorziet vele mogelijkheden: een gevangenisstraf van 6 maanden tot ≤3 jaar, de behandeling onder vrijheidsberoving van 6 maanden tot ≤2 jaar, de straf onder elektronisch toezicht 1 maand tot ≤1 jaar, de werkstraf >120 tot ≤300 uur, de probatiestraf >12 maanden tot ≤2 jaar, de veroordeling bij schuldigverklaring.

 

Verzwarende omstandigheden

In aanvulling van de basisstraf zijn er nog verschillende verzwarende omstandigheden opgenomen in het Strafwetboek, die de diefstal erger maken en die dus tot strafverzwaring kunnen leiden.

Volgens artikel 466 van het Strafwetboek wordt de diefstal zonder geweld of bedreiging bestraft met een straf van categorie 3 indien :

1° de dader een niet voor het publiek toegankelijke plaats is binnengedrongen om de diefstal te plegen, terwijl hij moest vermoeden dat zich daar een of meer personen bevonden;

2° de diefstal werd gepleegd ten nadele van een minderjarige of een persoon in een kwetsbare toestand;

3° de daders of een van hen een valse identiteit of hoedanigheid hebben aangenomen of een vals bevel van het openbaar gezag hebben ingeroepen;

4° het misdrijf werd gepleegd bij nacht.

 

Volgens artikel 467 van het Strafwetboek wordt een diefstal met geweld of bedreiging bestraft met een straf van niveau 3.

 

Volgens artikel 469 van het Strafwetboek wordt de diefstal met geweld of bedreiging en afpersing bestraft met een straf van niveau 4 indien:

1° de daders of een van hen een valse identiteit of hoedanigheid hebben aangenomen of een vals bevel van het openbaar gezag hebben ingeroepen;

2° het misdrijf werd gepleegd bij nacht;

3° het misdrijf werd gepleegd door twee of meer personen;

4° het misdrijf werd gepleegd ten nadele van een minderjarige of een persoon in een kwetsbare toestand.

 

Diefstal met geweld of bedreiging en afpersing worden bestraft met een straf van niveau 5 indien:

1° wapens of op wapens gelijkende voorwerpen werden gebruikt of getoond, of indien de schuldige deed geloven dat hij gewapend was;

2° de schuldige, om het misdrijf te plegen of zijn vlucht te verzekeren, gebruik heeft gemaakt van weerloos makende of giftige stoffen;

3° het geweld of de bedreiging een integriteitsaantasting van de derde graad heeft veroorzaakt.

 

Diefstal met geweld of bedreiging, afpersing en de poging om die misdrijven te plegen worden bestraft met een straf van niveau 6 indien:

1° de persoon aan foltering werd onderworpen;

2° het geweld of de bedreiging de dood tot gevolg heeft, zonder dat het misdrijf werd gepleegd met het oogmerk om te doden.

 

 

Diefstallen bestaan in ons Strafwetboek in vele vormen en maten. Het straffenarsenaal van de Correctionele rechter is dan ook zeer uitgebreid.

De strafvorken die door de wet bepaald worden, kunnen echter steeds aangepast worden door de rechter, wanneer er verzachtende omstandigheden ingeroepen kunnen worden. Daarom is het steeds raadzaam om een advocaat onder de arm te nemen, wanneer u zich voor de Correctionele rechtbank moet verantwoorden inzake het plegen van een diefstal.

 

Slachtoffer van diefstal?

Wanneer u slachtoffer bent geworden van een diefstal, bestaan er verschillende mogelijkheden om klacht neer te leggen en uw schade te recupereren. Een klacht bij de politie kan soms volstaan om een onderzoek te starten. Soms dienen echter verdere stappen te worden ondernomen, zoals een klacht met burgerlijke partijstelling of een rechtstreekse dagvaarding.

Om uw schade te recupereren zal u steeds verplicht een schadenota moeten neerleggen voor de rechtbank. De schade-eis dient schriftelijk te gebeuren en liefst begeleid te worden van bewijsstukken. Het is steeds raadzaam een advocaat te consulteren die u hierin kan begeleiden. Vaak komt de verzekering tussen wat betreft de kosten.

 

 

Op zoek naar een advocaat strafrecht?

Tijdens een eerste consultatie wordt uw probleem besproken, waarbij onze advocaten het juridische kader schetsen en de mogelijke oplossingen overlopen.

MAAK EEN AFSPRAAK